Danssoorten
Pure dans

ook Vrije dans

Pure dans is een onderdeel van de postmoderne dans, waarbij bewegingscomposities bestaan uit puur dansante bewegingsconstructies (passen en thema’s). Er is een onderverdeling te maken in twee benaderingswijzen: minimale of repetitieve dans en de vrije dans.
Kenmerkend voor de minimale of receptieve dans is dat de choreografie uitgaat van enkele eenvoudige basispassen worden gecombineerd en herhaald tot een wiskundige compositie en door de herhaling iets hallucinerends krijgt. Een bekende choreografen  zijn: Lucinda Childs en Krisztina de Chatel. Ook Merce Cunningham maakte gebruik van repetitieve elementen.

 

Kenmerkend voor de vrije dans (Twyla Tharp 1942, Trisha Brown 1934, Pauline de Groot 1942) is  dat er gebruik wordt gemaakt van allerlei dans- en bewegingstechnieken met een anti-expressionistische karakter (zoals abstracte dans), die vaak uit de natuur komen, zoals het rollen van een steen langs een helling, of het dwarrelen van een blad. De dans komt niet voort uit emoties, maar kan wel een uitgangspunt zijn.